Kies 'Continu' in het cameramenu, vervolgens 'Interval'. Stel de intervaltijd in op 30s, 1, 5, 10, 30, of 60 minuten. Ga terug naar het opnamemenu. Druk op de ontspanknop; start de opname en de camera maakt opnamen volgens de ingestelde intervaltijd tot de ontspanknop weer wordt ingedrukt. Het resultaat ziet u op bovenstaande animatie. (Klik op het beeld voor een grotere weergave.)
Bij lage sluitersnelheden kan er "ruis" ontstaan, vooral in de schaduwoppervlakken. Dit zijn willekeurige, felgekleurde pixels op de foto. Ruisonderdrukking kan gebruikt worden om ruis bij sluitersnelheden van 1/4s of minder te beperken. Ga naar het menu en kies AAN. Het resultaat ziet u op bovenstaand beeld. (Klik op het beeld voor een grotere weergave.)
Kies de gebruikersinstelling Continu (Opname) in het cameramenu. Hiermee kunt u 5 volformaat beelden van 8 megapixels achtereen maken met 2,5 beelden per seconde. Zo hoeft u nooit een beslissend moment te missen. (Klik op het beeld voor een grotere weergave.)
Wanneer het tulpicoontje in de opnamedisplay tijdens het in- of uitzoomen groen wordt, kan de camera scherpstellen op voorwerpen tot op 3cm van het objectief. Het beeld hierboven is het resultaat. (Klik op het beeld voor een grotere weergave.)